Toba!
De supervulkaan is echt super!
05.09.2009
Jaja, den deze is goed bezig met bloggen he! Ik wil gewoon alles van voor de Joker-reis af hebben, want eens die bezig is ga ik me zeker geen uren meer kunnen vrijmaken om alles te vertellen.
Dus, nu doordoen! Heb trouwens toch tijd. Mijn groep hangt nu waarschijnlijk ergens tussen Frankfurt en Kuala Lumpur.
Ik had dus de tourist bus afgehuurd van Berastagi naar Toba, en dat bleek later wel een aangename keuze te zijn. De chauffeur was immers regelmatig chauffeur voor de Joker-groepen die door Sumatra reizen! Wat een toeval. Dan veel gebabbeld over Joker, de groepen, welk programma ze afwerkten,... De chauffeur gaf dan ook spontaan veel meer uitleg bij de streek, de gewoonten etc.
Onderweg ook nog even aan een waterval gestopt, en van daar had je dat een prachtig zicht op Danau Toba (het Toba-meer). Daar was ie dan, de supervulkaan. Het vulkanisch meer, dat 100 km lang is en 40km breed ligt in het midden van een supervulkaan, die 75000 jaar geleden een fameus is uitgebarsten. Er wordt verondersteld dat die uitbarsting de wereld toen in een nieuwe ijstijd heeft gestort. In het midden is ook een schiereiland, Samosir, dat is ontstaan door een latere, zij het minder krachtige uitbarsting. Daar ging ik verblijven, in het dorp Tuktuk. Meer info over Toba op http://en.wikipedia.org/wiki/Lake_Toba
Met de chauffeur dan nog een Babi Pangang gegeten in een lokaal restaurantje. Bijna alle namen van de gerechten bij 'De Chinees' zijn trouwens allemaal Indonesich! Nasi en Bami Goreng, Babi Pangang, Loempia,... noem maar op! Alleen Peking Duck is geen Indonesisch denk ik
De chauffeur heeft me daarna nog afgezet bij een taxiservice terug naar Medan, waar ik dan aan een heel schappelijke prijs mijn ticket gekocht heb voor de terugreis enkele dagen later.
Daarna de ferry genomen, vergezeld door een heleboel proppers die hun hotel kwamen aanbieden. Van andere toeristen had ik gehoord dat Tabo zeker de moeite was, en Gabrielm, propper van Tabo was blij dat hij toch een klant had waar hij niet veel moeite voor hoefde te doen. Tabo was idd de moeite. Aangezien het net september was geworden, en heel rustig op het eiland op het vlak van toeristen, heb ik de mooie deluxe-kamer gekregen voor de prijs van een gewone. Mooi, groot, propere badkamer met zowaar een warme douche. Zaligheid. Nadien Tuk Tuk, het schiereiland van het schiereiland, gaan verkennen. Het duurde toch een uurtje vooraleer je helemaal rondgewandeld bent. 's avonds nog in een cafe een filn gaan kijken. Australia stond op de programmatie, maar aangezien ik alweer de enige klant was, mocht ik kiezen, en het is Casino Royale van James Bond geworden. Mijn eerste film in meer dan een maand. Was best wel aangenaam. 's avonds nog een pint gaan drinken in een cafeetje, en wat pool gespeeld met lokale Batak-jongeren. De Batak zijn de etnische stam die op en rond Toba woont. Tot in de 19e eeuw nog een kannibalistische stam, maar met toch een eigen schrift en vrij rigide wetten en regels. Die praktijken duurden totdat enkele Duitse missionarissen vrij succesvol de stam bekeerd hadden. Nu zijn ze vrome allemaal protestanten. Heel vriendelijke mensen, die houden van muziek maken. 's avonds hoor je dan uit enkele huizen muziek en gezang. Heel gezellig allemaal.
De volgende ochtend, na een heerlijk ontbijt met zowaar versgebakken bruin brood (de eigenares was een met-een-Batak-getrouwde Duitse), een scooter gehuurd en het eiland gaan verkennen. En was me dat een avontuur!
Een mooie scooter, met 7000 km op de teller, maar toch ook al de nodige schaafwonden te zien, (en niet verzekerd). De eigenaar doet hem goed vol bezine, en vertelt me dat het genoeg is om langs het water naar de andere kant van het schiereiland (42 km) te rijden en terug. Hij wou de scooter terug om 17u (madam had liever om 16u
).
Ik vertrek, rond 9u, zonnetje schijnt, zonder helm (niet naar gevraagd), cruisen langs het prachtige landschap. Onderweg nog even gestopt bij een museum voor een traditionele Batak-dans bij te wonen, en verder te cruisen. Iets na de middag bereik ik de andere kant van het schiereiland, en nestel me in een plaatselijk restaurantje om de lokale vis eens te proeven (bijzonder lekker!). Wanneer ik aan de vriendelijke ober vertel dat ik richting rongornihuta (of zoiets) ga, kijkt hij me vreemd aan en vraagt waarom ik daarnaartoe ga. Ik wou ipv langs het water terug te rijden over de heuvelkam heen rijden, eens een andere weg, en ik hoopte van daarboven een heel mooi zicht te hebben op het meer en misschien heel het schiereiland te kunnen zien. Ik zeg dus tegen de ober dat ik naar Sidihoni- een meer op de heuvel - wil gaan kijken. Hij begrijpt het en vertelt me dat de weg ernaartoe slecht is (ervan uitgaande dat alle wegen op Sumatra op niks trekken, denk ik dat het wel zal meevallen).
Ik vertrek na de smakelijk lunch, en baan me een weg naar boven. De weg is idd erbarmelijk slecht, nog slechter dan anders, maar goed, het gaat nog redelijk vlot en ik blijf stijgen en stijgen, telkens vragend aan de mensen of dit nog steeds de weg naar Sidihoni was. Jaja, zeiden ze, en ik bleef rijden. Na een dikke 45 minuten bereik ik Sidihoni, minder indrukwekkend dan ik had gehoopt, maar toch ok. Volgens een bedenkelijk plannetje uit het hotel loopt er een weg mooi over het eiland richting Tuktuk, waar mijn hotel lag. Ik besloot dus om mijn weg in dezelfde richting verder te zetten, de weg nog steeds in abominabele staat, maar mijn bezinemeter nog steeds boven de helft, dus alles ok.
In Rongornihuta, het hoogste punt, waar de bomen het mooie zicht versperden, uitgenodigd voor een koffie bij een dorpsbewoner, maar niet lang gebleven, want er kwam een onweer aan, en wou voortmaken. Hij vertelde me dat het nog 1.5 uur naar Tuktuk was. Wat hij me er niet bij vertelde was hoe bedenkelijk de weg was. Die ging snel over in een bos, waar het eerder een grote-stenen-pad werd, vol met plassen, modder en slijk (het was ondertussen ook al beginnen regenen). Naja, erdoor dus. Benzinetank net iets onder de helft, dus dat zou zeker lukken, aangezien het vanaf nu bergaf was, en ik minder zou verbruiken. Bovendien leek de afstand op het plannetje niet zo groot. Ik dus door het bos, aan een tegenligger nog eens gevraagd of het de juiste weg was. Jaja. Ik dan in ware Stefan Everts stijl de scooter tussen de stenen, modder, slijk, takken en watnogallemaal aan het manouvreren. Ondertussen waren de wolken ook neergedaald, en was het vrij mistig in het bos, en door het draaien en keren van de weg, was ik ook alle gevoel voor richting kwijtgeraakt. Na een goeie 45 minuten ploeteren kwam ik bij een Y-splitsing. Maar geen pijl of andere vorm van aanduiding. Ook was ik in de laatste 45 minuten niemand meer tegengekomen, buiten die tegenligger van in het begin. Hmmm. Hier stond ik dan, helemaal alleen in het bos, geen idee waarnaartoe, met nog een kwart benzine in de tank. Het plannetje bood geen hulp. Ervan uitgaande dat de linkse weg toch tenminste naar de oostkant zou gaan (waar ik naartoe moest), de linkse genomen. Voor het volgende half uur was het juist vantzelfde, Maneuvreren tussen stenen, door het slijk de scooter proberen recht te houden, met de benen steunend in de modderplassen. Heb toen ook eens de zijkant van de scooter tegen mijn been gekregen, met als resultaat een lichte schaafwonde. Ondertussen leek de bezinetank steeds sneller en sneller naar beneden te gaan. Mijn enige hoop was dat het nu enkel maar bergaf kon gaan, zodat ik de scooter af en toe kon afleggen en gewoon naar beneden bollen.
Plots zie ik een zijweg in betere staat, met een nieuwe goot erlangs. Yes! denk ik, een vernieuwde weg, dat moet de beste weg naar beneden zijn. Idd, de weg gaat vlot naar beneden, door de mist, de motor af en bollen maar. Alleen na 1.5 km is de weg gebaricadeerd met boomstammen. F*ck! Een hele weg terug naar boven aan benzine verkloot! Tijdens het stijgen ging de bezinemeter vlot naar het rood, gelukkig enkel door het stijgen. terug het "goede" pad dan de weg verdergezet, en gingen allerlei scenarios door mijn hoofd. Wat als ik hier in het midden van het bos zonder benzine val, geen gsm, geen eten, beetje water, geen andere mensen en vooral geen idee waar ik ben! Wat als ik val en me bezeer, wat als ik een grote steen raak en de scooter begeeft het (had er al een paar geraakt), wat als ik platte band krijg...op dat ogenblik beeft de aarde op Java...
De weg gaat kronkelend, stijgend en dalend, maar gelukkig meer dalend, verder. Tot ik opnieuw onder de wolken zit. Alweer een half uur later passeer ik een huis. Ah, eindelijk andere mensen! Ik vraag of dat de weg naar beneden is (kan met niet schelen waar, want beneden is benzine). Ze beaamt, maar heeft jammer genoeg geen benzine te koop. Naja, de meter staat ietsje boven het rood, moet wel lukken denk je dan. Ik rij verder en bij het volgende dorpje vraag ik opnieuw de weg naar beneden, want met allerlei zijwegen weet je het niet goed. Ook hier geen bezine te koop, en als ik mijn meter toon en vraag of ik het dorp beneden haal, schudt hij zijn hoofd. "No". Aiai. Naja, er zit niets anders op dan verder te gaan en zien waar we uitkomen. Ondertussen heb ik ook mijn scooter eens bekeken en die zit volledig onder de modder(Aiaiai, wat zouden die mensen wel denken, zeker als ik zogezegd enkel op de asfaltweg ging blijven).
Weg verdergezet, zo spaarzaam met de benzine als mogelijk, aan elk huisje stoppend, maar het antwoord op de vraag of ze benzine verkochten was telkens een neen, al toonden ze wel dat er verder wel benzine te koop was, maar hoe ver??? Even later (20 min) was ik volledig onder de wolken door, en kon ik me opnieuw orienteren. De weg ging naar... de verkeerde kant van het eiland! Daar waar ik had gelunched! Vandaar was het zeker 2 uur rijden naar het hotel. En het was al 16u! Aiaiaia. Madam ging niet content zijn. Maar dat was op dat ogenblik het minst van mijn zorgen. Mijn hoofdbekommernis was er gewoon geraken! Ondertussen was de benzinemeter al voor de helft in het rood... En het ging nog een hele eind zijn tot beneden. Alle huisje hetzelfde, geen benzine maar verder wel. Aiaiaiai. Net toen de meter de onderkant van het rood bereikte stond er nog een hutje. Benzine? Yes! Oef! Ik zou op zn minst thuis geraken. Dat het veel later ging zijn dan verwacht, en met een scooter in abominabele staat, speelde even geen rol. De volle 80 eurocent betaald voor 2 liter benzine, en de weg verdergezet. Hoe meer je naar beneden ging, des te beter de wegen ook waren. Tegen 17u, het tijdstip waartegen de scooter binnen moest zijn, bereikte ik de weg langs het water, Aha! En vanaf dan in volle vaart richting Tuktuk. Waar ik in het heenrijden op mijn gemak reed, trok ik nu vaak de gas volledig open en reed ik soms tegen 80 km-u de weg af. Gelukkig was er quasi geen verkeer meer. Maar dat hielp nog altijd niet tegen het te laat zijn en de scooter vol modder. Gelukkig passeerde ik een 'Doorsmeer', Idonesisch voor carwash, waar iemand zijn auto stond te wassen. Aha! ik 5000 rupiah betaald (30 ct) om van zijn lans gebruik te mogen maken en mijn scooter volledig schoon te spuiten en alle sporen van mijn buitensporig avontuur te wissen. Als laatste ook nog mijn benen vol modder afgespoten zodat die ook weer mooi stonden te blinken.
Dat het 5 minuten tijd gekost heeft, speelde geen rol, zolang die mensen maar een mooie scooter te zien kregen, dat scheelde al een hoop gemekker.
Tegen 18u dan toegekomen bij de verhuurders, en gelukkig was alles OK. De eigenaar liet wel iets vallen dat ik te laat was, maar ik hield me van de domme en zei dat ik stomweg ergens verloren was gereden en de weg was kwijtgeraakt, maar dat ik ter compensatie een extra liter bezine er had ingedaan, om safe te spelen. Die mens content. Hij heeft me dan nog achter op zijn scooter naar mijn hotel gevoerd!
Waar ik doodcontent toekwam, blij dat ik er na alle spanning toch nog was geraakt!
Jaja, het was me wel een dagje scooteren op Toba!
's Avond in een cafe nog een traditionele batakdans gezien, gevolgd door Batak-zang. Heel mooi.
De volgende ochtend nog een scooter gehuurd om de nabijgelegen toeristische attracties eens te gaan bekijken (had daar de dag ervoor immers geen tijd meer voor gehad
). Het graf van een koning was ok, maar interessanter waren de Stenen Stoelen, een circel met stenen stoelen (logisch toch) waar de Batak-koningen in de tijd dat ze nog kannibalen waren, recht spraken over criminelen. Een jonge lokale gids heeft me dan verteld hoe het in z'n werk ging, en eens de crimineel schuldig was bevonden, werd ie naar het volgende deel gebracht, waar hij eerst nog wat gefolterd werd om er zeker van te zijn dat de kwade geesten eruit waren, werd hij dan onthoofdm in stukjes gesneden en verdeeld onder de andere dorpsbewoners, die z'n vlees dan rauw opaten. Pittig detail, als de beul er niet in slaagde om het hoofd er in een haal af te kappen, sneed de koning het hoofd van de beul af en werd die opgepeuzeld. De crimineel mocht dan ergens in het bos gewoon verder gaan creperen (met een hoofd dat er dan half afhangt???). En dat gebeurde allemaal nog geen 200 jaar geleden...
Na dit appetijtelijk verhaal teruggereden naar het hotel om mijn zwembroek aan te doen en te gaan zwemmen in het heerlijke water van het meer. Nog wat souvenirs gekocht, en toen was het tijd om de boot terug naar het vasteland te nemen. Opnieuw vergezeld door dezelfde proppers, die de aangename gewoonte hebben om instant-vrienden van je te worden. Heel aangename mensen, de Batak. Relaxed, vriendelijk, enorm gastvrij,... geen wonder dat vroeger de "hippies" hier de full-moon-parties hielden, totdat Ko Pha Ngan in Thailand populaider werd.
Op het vasteland wachtte dan de taxi, een mooie monovolume, het soort openbaar vervoer voor de middenklasse, zo heb ik dat ook weer eens meegemaakt. Een goeie 5 uur later werd ik dan opnieuw afgezet aan JJ's Guesthouse, en was de Sumatraanse cirkel rond. De volgende ochtend het vliegtuig genomen van Medan naar Jakarta, en van daar naar Yogjakarta. Had wat gevreesd voor Lion Air, omdat het de goedkoopste luchtvaartmaatschappij was, maar de nieuwe Boeing 737-900ER was een proper vliegmachien, met net iets te weining beenruimte om goed te zijn voor mij en de sympathieke Amerikaan die in Bolivia woont en waar ik mag overnachten als ik ooit eens daar ben. Voor de kleine Indonesier die tussen ons in zat, was het net business class. Die zwom echt in zijn stoel, en zijn knieen kwamen amper voorbij het zitgedeelte. Naja, je kan het die airline ook niet kwalijk nemen dat ze het op maat van Indonesiers maken uiteraard. De vlucht van Jakarta naar Yogja was wel een heel pak krapper, maar duurde gelukkig maar een uur, en heb met mijn benen dan maar de middengang ingepalmd (had in beide vluchten een gangstoel gevraagd, uit voorzorg). Goeg geland in Yogja, taxi genomen naar het Viaviacafe (nauwe samenwerking met Joker) om daar al eens goeiendag te gaan zeggen, ingecheckt in het hotel en 's avonds genoten van de jazz (waar ik normaal niet goed tegenkan), het heerlijke eten, en het aangename gezelschap van Mie, de Belgische uitbaatster van de Viavia, en haar vrienden. Vandaag dan al een Yogja gaan verkennen, wat gezwommen, en de laatste voorbereidingen getroffen voor de aankomst van mijn groep, morgenvroeg.
Voila! het is gelukt! Jullie zijn up-to-date gebracht!
Tot een van de volgende posts!
Geplaatst door KennethZOA 3:45 Gearchiveerd in Indonesië Reacties (0)

